Naar homepage
Groot Nieuws

13 januari: Leven in het nu
EO

  1. Nieuwschevron right
  2. 13 januari: Leven in het nu

Een programma met veel muziek en een meditatie. De meditatie met als thema “Leven in het nu” naar aanleiding van Psalm 131, wordt verzorgd door dominee Henrico ter Beek van de Gereformeerde Kerk-PKN in Zwartsluis.

Groot Nieuws

Muziekgegevens

1) Dan zingen zij, in God verblijd, Psalm 138: 3 en 4

2) Wij moeten Gode zingen, LvdK Lied 301:1, 3 en 5

3) Hij die rustig en stil, Joh. de Heer 133

4) ‘k Ben een koninklijk kind, Joh. de Heer 60

5) Veilig in Jezus armen, Joh. de Heer 523

6) Komt vermoeiden, kom tot Jezus, geen bundel

7) Wat een liefde, Opw. 625

8) Ik heb de vaste grond gevonden, LvdK Gez. 440

9) Hoe lieflijk, hoe vol heilgenot, Psalm 84: 1,2 en 6

10)Mijn Herder, Op Toonhoogte 8

11)Komt kinderen, niet dralen, LvdK 441:1,2 en 11

12)Jezus zal heersen waar de zon, LvdK Gez. 281

Meditatietekst

Leven in het nu. Ik kan mij voorstellen dat je daarnaar verlangt in deze jachtig en hectisch tijd, als de tijd door je vingers heen glipt. Leven in het nu. In een bepaalde ontspannenheid, een bepaalde vrede om de dag en het leven te mogen ontvangen van God. Dat we aandacht hebben voor wat er hier en nu gebeurt. Dat we de dag beleven mét God. Dat we genieten van de goede dingen. Dat we dankbaar en tevreden zijn. En dat als er moeilijke tijden aanbreken, we een innerlijke basis hebben om met die omstandigheden om te gaan.

Maar hoe vaak laten we ons niet beheersen door verleden en toekomst? Natuurlijk zijn we verbonden met verleden en toekomst. Het verleden maakt wie je nu bent. En de verwachting voor de toekomst speelt ook in het heden een rol. Maar leven in het nu betekent dat je je heden niet opzij laat drukken door het verleden en de toekomst. Want dat kan zomaar gebeuren. Als er pijnlijke momenten in het verleden zijn die maar blijven opkomen. Als je blijft leven in een geromantiseerd verleden. Als je blijft leven met wroeging en spijt om wat verkeerd is gegaan. Of als je je laat beheersen door angst voor de toekomst, voor wat er mis kan gaan. Als je steeds kijkt naar wat hopelijk wel gaat komen maar wat nog niet is. Verleden of toekomst bepalen zo je leven. Maar je leeft niet in het nu.

Jezus zegt: dit is niet mijn bedoeling voor jou. Hij zegt in de Bergrede (Matteüs 6) het volgende:

‘Wat Ik hier probeer te doen, is zorgen dat jullie je ontspannen, zodat je niet zo in beslag wordt genomen door hebben, maar kunt reageren op Gods geven. Mensen die God en de manier waarop Hij werkt niet kennen, maken zich druk over deze dingen, maar jullie kennen God en weten hoe Hij werkt. Dompel je leven in Gods werkelijkheid, Gods initiatief, hoe God voorziet. Maak je geen zorgen dat je de boot zult missen. Je zult merken dat al je alledaagse behoeften vervuld worden. Richt al je aandacht op wat God doet in het nu, en maak je niet druk over wat morgen al dan niet gebeurt. God zal je helpen om te gaan met alle moeilijke dingen als het moment daar is.’

We mogen leven in het nu. Maar daarvoor is een bepaalde basis van binnen nodig, stevige grond van veiligheid en vertrouwen, een basaal gevoel dat je er mag zijn en dat het goed is dat je er bent. Sommige mensen hebben dat helemaal, anderen missen dat heel erg, en de meesten zitten ergens tussenin. We gaan heen en weer tussen een besef dat we er mogen zijn enerzijds, maar anderzijds ook een gevoel van leegte of zinloosheid die steeds moet worden gevuld.

Dat laatste kan oorzaak zijn van veel ellende. Als je steeds leegte moet vullen en niet thuis bent in het huis van je eigen leven, kun je ook geen gastheer zijn. Als je bezig bent met jezelf en voor jezelf, kom je niet toe aan geven en aan liefde. Het gevoel van gebrek maakt dat je moet blijven eten, shoppen, werken, presteren. Of vluchten in waar je slaaf van wordt, wat even vult maar dan des te meer vraagt. Je kunt in een patroon van continue afleiding terecht komen. Of in een soort paniek probeer je zoveel mogelijk gedaan te krijgen – voordat alles instort.

Hoe kun je een stevig kern krijgen? Hoe groeit je echte ik? Hoe word je iemand die weet dat het oké is om er te zijn? En hoe kun je dus in rust en vrede leven in het nu?

Van Godswege klinkt: een mens kan zichzelf niet aan zijn eigen haren uit het moeras trekken. Richt je aandacht daarentegen op God. C.S. Lewis heeft dit als volgt verwoord: ‘Je ware ik vind je niet zolang je ernaar zoekt, maar het komt wanneer je op zoek bent naar Jezus.’ En: ‘Pas wanneer ik mij naar Christus toekeer, mijzelf overgeef aan zijn Persoonlijkheid, begin ik een echte, eigen persoonlijkheid te hebben.’

Kortom, we krijgen stevigheid van binnen door te luisteren naar God. Want Hij is de God van verleden, heden en toekomst. Hij was aan het begin en Hij zal zijn aan het einde. We mogen luisteren naar Immanuël (God met ons): de Here Jezus. Van Hem zegt de schrijver van de brief aan de Hebreeën (hoofdstuk 13 vers 8): Jezus Christus is gisteren en vandaag dezelfde en tot in eeuwigheid. Wat God, wat Jezus zegt is waarheid en is doortrokken met liefde.

Volgens de psychologie heeft het krijgen van innerlijke stevigheid en vertrouwen onder andere te maken met hoe de moeder is voor haar baby. Nu zijn aardse moeders geen van allen volmaakt. Des te meer bijzonder is het dat van God wordt gezegd: ‘Zoals een moeder haar kind troost, zo zal Ik u troosten.’ Dat is een belofte van God die staat in Psalm 131. Ik lees de Psalm en wil je uitnodigen: hoor jezelf erin, laat de woorden tot je hart doordringen en mag het waarheid worden voor jou persoonlijk.

God, ik probeer niet te domineren,

ik hoef niet de beste te zijn.

Ik bemoei me niet met andermans zaken

en fantaseer geen grandioze plannen.

Mijn voeten staan op vaste grond, mijn hart is gerust.

Zoals een baby tevreden rust in de armen van zijn moeder,

zo is mijn ziel, een tevreden baby.

Israël, wacht op God. Wacht vol hoop.

Hoop voor nu, hoop voor altijd!

Tot zover Psalm 131. Zo is God bij mij geweest toen ik baby was. En zo wil Hij er nu nog steeds voor mij zijn, al ben ik in leeftijd volwassen.

God, mag ik rusten in uw armen. Uw eeuwige armen zijn altijd onder mij. Stort uw koesterende tegenwoordigheid en vrede over me uit. Er is niet alleen maar leegte, maar U bent de grond onder de voeten waardoor ik mag zijn en kan leven in het nu.