Groot Nieuws

8 juli: Een huis van genade
EO

  1. Nieuwschevron right
  2. 8 juli: Een huis van genade

De meditatie met als thema: ‘Een huis van genade’ (Joh.5:1-9) wordt verzorgd door dominee Joost Schelling, predikant van de Gereformeerde Kerk in Woerden-Zegveld.

Groot Nieuws

Muziekgegevens

1) Zingt, zingt, een nieuw gezang den Here, Ps.98: 1, 2 en 4

2) God roept ons broeders tot de daad, LvdK 474

3) Samen werken, Opw. 249

4) Geest van hierboven, LvdK gez. 477

5) Wie maar de goede God laat zorgen, JdH 421

6) Hij die de blinden weer liet zien, Nieuw Liedboek 534

7) Ga niet alleen door ’t leven, JdH 53

8) Looft, looft den Heer gestadig, Ps. 107: 1, 6, 7 en 8

9) Toon mijn liefde, Opw. 705

10)Gij trouwe Herder, geen bundel


Meditatietekst

Bijbellezing (NBV): Johannes 5:1-9

Daarna was er een Joods feest, en Jezus ging naar Jeruzalem. In Jeruzalem is bij de Schaapspoort een bad met vijf zuilengangen dat in het Hebreeuws Betzata heet.

Daar lag een groot aantal zieken, blinden, kreupelen en misvormden. Er was ook iemand bij die al achtendertig jaar ziek was. Jezus zag hem liggen; hij wist hoe lang hij al ziek was en zei tegen hem: ‘Wilt u gezond worden?’

De zieke antwoordde: ‘Heer, als het water gaat bewegen, is er niemand om mij erin te helpen; ik probeer het wel, maar altijd is een ander al vóór mij in het water.’

Jezus zei: ‘Sta op, pak uw mat op en loop.’ En meteen werd de man gezond: hij pakte zijn slaapmat op en liep.

Centrale vers:

Vers 7: De zieke antwoordde: ‘Heer, als het water gaat bewegen is er niemand om mij erin te helpen;

“Helpen waar geen helper is” is een belangrijke christelijke houding. Voor veel kerken en gemeenten is het de basis van haar diaconale handelen. Er willen zijn voor hen die door de mazen van onze participatiesamenleving dreigen te vallen. Want je kunt nu eenmaal niet jezelf aan je eigen haren uit het moeras trekken. Zelfredzaamheid klinkt op papier prachtig, maar in de praktijk ben je blij dat je in tijden van nood een beroep op een helper kunt doen.

Wie wel eens uit de put geholpen is, weet hoe belangrijk dat is. Wat is het fijn om in de put van je bestaan niet alleen te zijn.

Toen wij het thuis als gezin moeilijk hadden, was het heel bijzonder om vrienden èn onbekenden te hebben, die ons in die situatie bijstonden. Steun vinden, praktische hulp, maar vooral ervaren dat je er niet alleen voorstaat. En in mijn werk bij Schuldhulpmaatje Nederland zie ik dit ook terug.

Niet alleen formulieren en digitale assistenten, maar een mens van vlees en bloed naast je, die je helpt, maar ook vraagt hoe het met je gaat. Jij met jouw misère, jij met jouw schulden. Je bent gezien!

Hoe anders blijkt dat daar in het badhuis van Betzata.

Wij kennen het uit eerdere vertalingen ook wel als Bethesda.

De naam Bethesda heeft een intrigerende betekenis.

Afgeleid vanuit het aramees betekent Beth-chesed zoiets als:

“Huis van liefde, van genade”.

Maar Bethesda was geen plaats van genade. Het lag er vol met mensen die hun heil verwachten van een spontane opwelling. En dan als eerste in het water komen.

Duwen, trekken, allemaal zo dicht mogelijk bij de rand van het bad. Het moet er een gedrang van jewelste geweest zijn.

Nee, Bethesda bood de mensen zelf weinig genade. Eerder ieder voor zich.

Jezus loopt deze ruimte binnen.

Johannes meldt wel dat Jezus de verlamde man ziet

en dat hij wist van zijn langdurige verblijf in Bethesda.

38 jaar lang. En hij ligt daar maar en zich op te vreten.

Hij ziet steeds iemand voor hem het water in gaan.

38 jaar lang al. De tijd ook, dat het volk van Israël in de woestijn verbleef, voordat ze weer naar het beloofde land mochten optrekken. Na 38 jaar toch nog een nieuw begin.

‘Wilt u gezond worden?’ Vreemde vraag op deze plaats.

Iedereen die hier ligt wil dat toch? Of toch niet?

Deze man heeft zich na al die jaren verzoend met zijn situatie.

38 jaar van zijn leven liggend op een matje.

Hij is er klaar mee en beantwoordt de vraag van Jezus niet bevestigend. Hij klaagt niet eens over zijn ziekte.

Nee, wat hem dwarszit is dat hij geen mens heeft:

Er lag een hele menigte zieken maar hij had geen mens die hem in bad kon werpen. Het mag dan ‘huis van genade’ heten,

de bewoners zitten de genade wat hem betreft in de weg.

Het is ieder voor zich in dit huis.

Daarom moet Jezus hier binnengaan. Om hem te zien.

De evangelist Johannes heeft in deze man nog meer gezien. Namelijk de staat van het volk van Israël zelf.

Wil dit volk na 38 jaar woestijn ook gezond worden?

Jezus gaat binnen om een nieuwe tijd aan te kondigen.

Een tijd van echte genade en naastenliefde.

Een ander die zich voor jou wil inzetten, zodat jij genezen kan worden. Niet alleen zelf en dan snel deze trieste plaats verlaten. Nee, ook de ander erin helpen.

Dat is de wet van de liefde: de naaste als jezelf behandelen.

Direct hierna volgt de discussie over de positie van de Sabbat. Kunnen ze - de leiders - de sabbat zien als een dag van bevrijding? Totdat ieder mens bevrijd is, werken Jezus en zijn Vader verder aan de schepping, is Jezus’ antwoord.

Te beginnen hier in Bethesda. En zoals die ene sabbat na Goede Vrijdag de Vader en de Zoon samen werken aan de herschepping van de wereld door het overwinnen van de dood.

In het antwoord van de verlamde man gloort een sprankje hoop. Want hij zegt: “Ik probeer het wel.”

Alsof het uitblijven van zijn genezing zijn fout was.

Hij wil wel, maar hij kan gewoon weg niet.

Hij heeft geen medestander, geen helper.

Die woorden zijn voor Jezus genoeg om hem te doen opstaan.

En in het proberen mag ook het volk, mogen ook wij opstaan.

In het geloof dat we het niet op eigen kracht kunnen.

Dat we het niet van iets magisch hoeven te verwachten.

Maar van God, van engelen met mensenhanden.

Ons leven hier kan soms lijken op dat huis van Bethesda, ieder voor zich. Maar Jezus komt ons tegemoet, ziet ons vastzittend bestaan en steekt zijn hand naar ons uit en zegt:

In dat moeizame bestaan ben ik jouw BOND-GENOOT. Sta op.

En in Christus opgestaan mogen wij dat bondgenootschap met de Heer invullen. Helpen waar geen helper is. Maatje zijn. Zo dragen wij bij aan de aarde als Gods “huis van genade”.