Naar homepage
Groot Nieuws

17 oktober: Genieten van genoeg
EO

foto: Thijs van Meijerenfoto: Thijs van Meijeren
  1. Nieuwschevron right
  2. 17 oktober: Genieten van genoeg

We lezen vanmorgen in Groot Nieuws uit Exodus 16. Dominee Thijs van Meijeren van de Hervormde wijkgemeente Pniël uit Zeist mediteert op deze Michazondag over het thema ‘Genieten van genoeg’. Presentatie: Andries Knevel.

Groot Nieuws

foto: Thijs van Meijeren

Thijs van Meijeren

Muziekgegevens

1) Psalm 116: God heb ik lief, want die getrouwe Heer’, geen bundel

2) Laat ons de Heer lofzingen, LvdK gez. 409

3) Uw liefde laat nooit los, Opwekking 714

4) Geef uw lot in handen van uw Vader, Joh. De Heer gez. 39

5) Leer mij Uw weg, o Heer, Joh. De Heer gez. 330

6) Kom in mijn hart, Joh. De Heer gez. 258

7) Groot is uw trouw, o Heer, Joh. De Heer gez. 149

8) Psalm 86: Neig, o Heer’, Uw gunstig oren, geen bundel

9) Leg maar stil je hand in Zijn handen, Joh. De Heer gez. 312

10) Jezus, Gij mijn kracht en leven, Joh. De Heer gez. 168

11) Lof zij God gezongen, geen bundel

12) Leer mij Uw weg, o Heer, Joh. De Heer gez. 330

Meditatie

De Schriftlezing is Exodus 16. Ik neem u mee in het hele verhaal, maar ’t is teveel om te lezen, daarom alleen vers 1 t/m 5:

1 Zij braken op uit Elim en heel de gemeenschap van de Israëlieten kwam in de woestijn Sin, die tussen Elim en de Sinaï ligt. Dat was op de vijftiende dag van de tweede maand nadat zij uit het land Egypte waren vertrokken.

2 En heel de gemeenschap van de Israëlieten morde tegen Mozes en tegen Aäron in de woestijn.

3 De Israëlieten zeiden tegen hen: Och, waren wij maar door de hand van de HEERE gestorven in het land Egypte, toen wij bij de vleespotten zaten en brood aten tot verzadiging toe! Want u hebt ons uitgeleid naar deze woestijn om heel deze gemeente van honger te laten sterven.

4 Toen zei de HEERE tegen Mozes: Zie, Ik zal voor u brood uit de hemel laten regenen. Het volk moet eropuit gaan en de per dag benodigde hoeveelheid verzamelen, zodat Ik het op de proef kan stellen of het naar Mijn wet wandelt of niet.

5 En op de zesde dag moet het zó zijn dat zij bereiden wat zij binnenbrengen, en dat zal het dubbele zijn van wat zij dagelijks verzamelen.

---------

Het is vandaag de zogeheten Micha-zondag en we vragen ons daarom af – geïnspireerd door deze profeet: hoe kunnen wij bijdragen aan recht en gerechtigheid, in een wereld vol onrecht, armoede en uitbuiting?

Micha Nederland koos als thema dit jaar:

‘Genieten van genoeg!’ en in dat licht vanmorgen Exodus 16.

Het volk Israël trekt door de woestijn, maar dan raakt het brood op.

Gelijk paniek in de tent. ‘Waren we maar in Egypte gestorven!’ Daar hadden we tenminste vlees op ons bord.

Het liefst willen ze de hele uittocht terugdraaien.

Wonderlijk, God wordt niet boos, maar Hij geeft Zijn volk wat ze willen en meer nog:

Brood uit de hemel en het valt iedere dag. Regen in de woestijn.

‘Wat is dat?!’ roept het volk dan ook uit, als ze dit brood voor het eerst zien: Man-hoe, in het Hebreeuws. Manna. Je proeft de verwondering: wat een overvloed!

Maar in die overvloed zit tegelijk een beproeving verstopt, een test.

Heeft het volk hier nu genoeg aan? Genoeg aan dat wat God onverdiend, ongevraagd geeft?

Om daar achter te komen, moet het volk er op uit gaan en per dag de benodigde hoeveelheid verzamelen.

Niet meer en niet minder. Een gomer per dag: drie liter p.p.

Ze mogen dus niet hamsteren en het ook niet oppotten.

De overvloed die God geeft is niet bedoeld om je eigen toekomst veilig te stellen, maar het wil je juist daarvan bevrijden.

Bevrijden uit de angst voor tekort. Bevrijden van de zucht naar ‘meer, meer, meer’.

Dat wordt helemaal duidelijk op de zesde dag, als de Israëlieten merken, dat ze niet voor één dag, maar voor twee dagen manna verzamelen, en Mozes vertelt, dat dat te maken heeft met de dag die zal volgen, de zevende dag: een dag van rust. Sjabbat.

Sjabbat betekent ophouden, stoppen.

Laat je eigen werk rusten en richt je op God en dat wat Hij doet.

Op sabbat leert God aan zijn volk: om te leven ben je zélfs niet afhankelijk van je eigen rapen – Ik ben genoeg.

Vertrouw je op Mij, ook al zie je daar helemaal niks van? Als er geen manna ligt…

Het volk zakt voor de test.

Een flink deel begint toch te hamsteren, anderen bewaren wat ze hebben gevonden tot de volgende dag en sommigen gaan zelfs op de sabbat, met twee porties manna in huis nota bene, tóch nog kijken of er wat ligt om te rapen!

Het is maar goed dat God zélf het manna, bij wie te weinig kon rapen, aanvult en dat Hij dat bij wie te veel naar zich toe graaide, niveleert. Anders was de gave van het manna door al dat egoïsme gelijk verzandt in ruzie en scheve gezichten...

Ja, en nu wij!

Want wat krijgen wij niet iedere dag? Veel meer dan brood, toch?!

En hoe gaan wij daar vervolgens mee om?

Altijd bezig met ‘méér, méér, méér’, het veilig stellen van onze toekomst, door welvaart en werk, in de ban van je lijf?

Nee, Exodus 16 leert ons niet dat je niet zou mogen sparen, of jezelf verzekeren, of je zelf laten vaccineren, of plannen maken…

Maar de vraag is wel, hoe je dat doet.

Leef je afhankelijk van je eigen inspanningen, je eigen verlangens, je inkomen, je bezittingen? Of leef je afhankelijk van God en wat Hij aan je geeft?

En zeg nou niet te snel: dat doe ik wel, want wat als God de proef op de som neemt, zou dan niet blijken hoe akelig vast we zitten aan deze wereld en wat we hier en nu hebben opgebouwd?

Tegen Mozes zegt God: ‘Hoelang weigeren jullie Mijn geboden en Mijn wetten in acht te nemen?’

Een volk dat zó omgaat met dat wat Ik geef, wat moet Ik ermee?

Ook nu houdt Gods goedheid niet op.

Mozes krijgt opdracht een portie manna neer te zetten voor de ark van de getuigenis, die straks bij de Sinaï wordt gemaakt.

En op die ark ligt het verzoendeksel, als teken dat God de ongehoorzaamheid van Zijn volk bedekt en vergeeft.

Vanuit die vergeving, mag het volk opnieuw beginnen met vertrouwen, met delen, met genieten van genoeg!

En nu denk ik aan Jezus.

Het levende Brood, neergedaald uit de hemel.

Jezus, in wie wij de vergeving van ons niet-vertrouwen en van ons niet-delen hebben gekregen.

Jezus, in wie wij de Heilige Geest hebben ontvangen, die ons leert om dat anders te doen.

Vandaag op de dag ná de sabbat, wordt Hij ons gegeven, terwijl we luisteren naar de woorden van God.

Wij hoeven er niets voor te doen, maar mogen de Heilige Geest in ons laten werken en zó Hem ontvangen als méér dan genoeg.

Je mag het helemaal van Hem hebben.

En werpt dat geen licht op alle andere dagen van de week? Op mijn zwoegen en zweten, hollen en draven? Op mijn bedrijf? Op mijn gezin? Op mijn ziekte? Op mijn zorgen?

Jezus, als Hij mij vervult – de liefde van God – wat wil ik nog meer?

Dan wordt de rest van wat ik heb en zelfs van wat ik niet heb een overvloed om uit te delen.