Groot Nieuws

9 december: Wie is Koning over Uw leven?

EO
  1. Nieuwschevron right
  2. 9 december: Wie is Koning over Uw leven?

Op deze tweede adventszondag een programma met muziek en een meditatie met als thema “Wie is koning over uw leven?” (Lukas 1:26-34). De meditatie wordt verzorgd door dominee Bert Heslinga, predikant van de Gereformeerde Tabernakelkerk in Vaassen.

Groot Nieuws

Muziekgegevens

1) ‘k Zal eeuwig zingen van Gods goedertierenheen, Psalm 89:1 en 7

2) Ere zij aan God de Vader, LvdK Gez. 255: 1,2,3 en 4

3) Here Jezus, om Uw woord, LvdK Gez. 328

4) Jezus, wat een heerlijke Naam, Opw. 493

5) Mijn Jezus, ik hou van U, Opw. 392

6) Hij kwam bij ons heel gewoon, Opw. 268

7) Mijn ziel verheft Gods eer, Lofzang van Maria 1,2 en 7

8) O kom, o kom Immanuel, LcdK Gez. 125

9) Jezus, Hij is Koning, Opw. 13

10)Uw Woord is een lamp voor mijn voet, Psalm 119: 3 en 40

11)Zoekt eerst het Koninkrijk van God & ’s Stel mijn vertrouwen, Opw. 40 & 42

12)Samen te dienen, Opw. 249

Meditatietekst

We lezen vanmorgen op deze 2e zondag in de adventstijd uit Lucas 1.

In de zesde maand zond God de engel Gabriël naar de stad Nazaret in Galilea, naar een meisje dat was uitgehuwelijkt aan een man die Jozef heette, een afstammeling van David. Het meisje heette Maria. Gabriël ging haar huis binnen en zei: ‘Gegroet Maria, je bent begenadigd, de Heer is met je.’ Ze schrok hevig bij het horen van zijn woorden en vroeg zich af wat die begroeting te betekenen had. Maar de engel zei tegen haar: ‘Wees niet bang, Maria, God heeft je zijn gunst geschonken. Luister, je zult zwanger worden en een zoon baren, en je moet hem Jezus noemen. Hij zal een groot man worden en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd, en God, de Heer, zal hem de troon van zijn vader David geven. Tot in eeuwigheid zal hij koning zijn over het volk van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’

Iedere keer wanneer ik dit bijbelgedeelte hoor ben ik weer onder de indruk van deze woorden van Lucas. God stuurt een engel naar Maria.

God begint – Hij is aan zet. Maria heeft het zelf niet bedacht.

Wij zouden het ook niet bedenken. Het komt niet in ons op.

Op deze 2e zondag van advent klinken die overbekende woorden uit het Lucasevangelie.

Het zijn woorden die hun weg zoeken naar ons hart. Bekend maar nog altijd krachtig en indrukwekkend. Het Woord wil in ons wonen, zodat we echt verwonderd zullen zijn over het feit dat God een mens uitkiest, een mens waardig genoeg vindt om via haar Zijn Zoon geboren te laten worden. Zijn Woord vlees te laten worden.

We begrijpen het niet, net als Maria kunnen we er niet bij. En net als Maria worden we uitgedaagd het aan te nemen. Het heil van God te ontvangen.

Maria krijgt de opdracht het kind een naam te geven. Je moet Hem de naam Jezus geven. Het is geen vraag, geen suggestie – maar een opdracht.

De naam Jezus betekent: de Heer redt!

Hij zal de redder van Zijn volk, en zoals later blijkt van de hele wereld. Hij is de Heiland, de beloofde Messias.

Dat horen we uit de mond van de engel Gabriel: ‘Hij zal een groot man worden en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd, en God, de Heer, zal hem de troon van zijn vader David geven.’

Dat kan omdat de verloofde van Maria een afstammeling van David is. De belofte dat er eens een koning zal komen in de lijn van het geslacht van David wordt nu vervuld. Hij zal op de troon van zijn vader David, zijn voorvader David plaatsnemen.

Wij mensen hebben wel eens de neiging zelf op troon te willen zitten. Zelf de dienst uit te maken – helemaal autonoom te zijn. Dat betekent dat onze eigen wil wet is.

Misschien hoort u ook wel eens om u heen dat christenen eigenlijk maar zwak zijn. Omdat ze hun zelfstandigheid zouden opgeven, hun autonomie prijsgeven en afhankelijk willen zijn van een God die je niet eens ziet.

Wat vaak niet begrepen wordt is dat we als christenen niet gedwongen worden maar vanuit ons hart niet anders willen dan bij God horen.

Onze relatie met God is een kwestie van liefde en wanneer onze eigen drang naar vrijheid en autonomie het liefhebben van God en de naaste in de weg staat werkt het niet. Wanneer je zelf op de troon zit is God niet de Koning. Wanneer alles om mijn eigen koninkrijkje draait in mijn leven is er geen ruimte voor het Koninkrijk van God.

Het kind dat geboren wordt zal zitten op de troon. Davids zoon, zoon van God, de Allerhoogste. Doordat Hij koning is zullen wij leven van Zijn genade, Zijn liefde. En dat geeft ons de ultieme vrijheid.

Een vrijheid in verbondenheid – met God als Vader, Zoon en Heilige Geest en met de mensen om ons heen. We moeten de zaak dus niet omkeren.

Hij is de Koning en wij zijn burgers van het Koninkrijk. En Hij is een goede Koning: rechtvaardig en barmhartig. Een Koning naar Gods hart zal Jezus zijn. Een Koning die Zijn hart opent voor u en mij. Die verlangt naar onze wederliefde.

‘Tot in eeuwigheid zal hij koning zijn over het volk van Jakob, en aan zijn koningschap zal geen einde komen.’

Dat is ook de troost van advent. De Koning die komt zal voor altijd regeren. Zoals Jezus na Zijn opstanding zegt bij het afscheid van Zijn leerlingen (Mattheus 28) En zie ik ben met jullie al de dagen tot aan de voleinding van deze wereld.

Koningen en presidenten in de wereld regeren over het algemeen tijdelijk. En dat is maar goed ook. Want het gaat zo vaak mis. Mensen die op de troon zitten laten zich te vaak leiden door geld en macht. Je zit dan wel op de troon, maar misschien ben je helemaal niet zo autonoom, zo zeker van je zaak. Misschien moet die macht die je hebt en al het geld en je mooie paleis wel goed maken wat je diep van binnen aan onzekerheid voelt.

Dus laten we niet teveel opkijken naar de mensen die macht hebben of rijkdom. De vraag is of ze ten diepste gelukkig zijn. En hun macht is tijdelijk. We kunnen ons maar beter laten regeren door de rechtvaardige en liefdevolle Koning die God ons zendt. Hij is de Koning die uiteindelijk een knecht wordt en ons allemaal dient met Zijn leven.

Het zal wel geduizeld hebben in het hoofd van Maria bij de woorden van Gabriel. Toch zegt ze nadat de engel is uitgesproken: De Heer wil ik dienen, mij geschiede naar Uw Woord.

Dat mag ook onze reactie zijn op deze adventszondag: Vanuit mijn liefde voor de Heer wil ik Hem dienen. Laat Zijn Woord maar gebeuren in mijn leven.