Naar homepage
Groot Nieuws

26 apr: De macht van Jezus' woord

  1. Nieuwschevron right
  2. 26 apr: De macht van Jezus' woord

De meditatie voor deze uitzending wordt verzorgd door Prof. Arnold Huijgen, hoogleraar aan de Theologische Universiteit van Apeldoorn. Thema: De macht van Jezus' woord (Mattheüs 8:5-13)

Huijgen

Groot Nieuws

Muziekgegevens

1) ‘k Zal eeuwig zingen van Gods goedertierenheen, psalm 89:1 en 7

2) O Jezus, hoe vertrouwd en goed, LvdK Gez. 446: 1,2,3 en 7

3) Uw sterke hand, Opw. 598

4) O eeuw’ge Vader, sterk in macht, LvdK Gez. 467:1,2 en 4

5) Geef mij een geloof, zo vast, zo sterk, Joh. de Heer 484

6) Daar zijn geen grenzen aan Jezus macht, Joh. de Heer 881

7) Gij zijt, o Heer, van d’allervroegste jaren, psalm 90: 1 en 9

8) Ga niet alleen door ’t leven, Joh. de Heer 53

9) Hoop op Hem, geen bundel

10)’k Heb geloofd en daarom zing ik, Joh. de Heer 543

11)Looft en prijst Hem, geen bundel

12)Prijst mijn ziel de Hemelkoning, Ned.herv.bundel Gez. 147

Meditatie

Mattheüs 8:5-13:

Toen Jezus Kapernaüm binnengegaan was, kwam er een hoofdman over honderd naar Hem toe, die Hem smeekte:
Heere, mijn knecht ligt verlamd thuis en lijdt hevige pijn.
En Jezus zei tegen hem: Ik zal komen en hem genezen.
De hoofdman antwoordde en zei: Heere, ik ben het niet waard dat U onder mijn dak komt; maar spreek slechts een woord, en mijn knecht zal genezen zijn.
Want ook ik ben een mens onder het gezag van anderen en heb zelf soldaten onder mij; ik zeg tegen de één: Ga! en hij gaat; en tegen de ander: Kom! en hij komt; en tegen mijn dienaar: Doe dat! en hij doet het.
Toen Jezus dit hoorde, verwonderde Hij Zich, en zei tegen hen die Hem volgden: Voorwaar, Ik zeg u: Ik heb zelfs in Israël zo'n groot geloof niet gevonden.
Maar Ik zeg u dat er velen zullen komen van oost en west en zij zullen aan tafel gaan met Abraham, Izak en Jakob in het Koninkrijk der hemelen, en de kinderen van het Koninkrijk zullen buitengeworpen worden in de buitenste duisternis; daar zal gejammer zijn en tandengeknars.
En Jezus zei tegen de hoofdman: Ga heen, en het zal u gaan zoals u geloofd hebt. En zijn knecht is gezond geworden op datzelfde moment.

Meditatie: De macht van Jezus’ woord

Mensen trekken allerlei grenzen. Tussen ‘wij’ en ‘zij’, tussen mensen die meetellen en mensen die we over het hoofd zien, tussen bijzondere mensen en mensen van dertien in een dozijn.

Jezus doorbreekt grenzen. De evangelist Mattheüs heeft net verteld dat Jezus een melaatse genas. Een outcast, een paria, iemand die buiten de maatschappij stond. Jezus doorbreekt de grens voor hem, geneest hem en geeft hem en een nieuw leven. En dan nu die hoofdman in Kapernaüm… Die melaatse was tenminste nog een Israëliet. Hij was een heiden in dienst van de bezettende macht. In die tijd was geen grens zo hard als die tussen Jood en heiden. Hij staat aan de verkeerde kant van de streep, hoe sympathiek deze man ook is -- in het evangelie van Lukas lezen we zelfs dat Joodse officials daarom een goed woordje voor hem deden. Sympathiek is het ook dat hij de moeite neemt om Jezus op te zoeken voor zijn zieke slaaf. Niet een collega, niet een van zijn soldaten, maar een slaaf - daar komt hij voor in beweging naar Jezus. De hoofdman gebruikt geen woord te veel; je herkent de typische militair. Zijn slaaf is ziek en heeft pijn.

Hoe zal Jezus omgaan met de harde grens tussen Jood en heiden? Hij wil komen om de slaaf te genezen. Voor de hoofdman is dat echter niet nodig. Meer nog: hij is het helemaal niet waard dat Jezus bij hem komt. Maar het hoeft ook niet: een woord volstaat. Een machtswoord.

De hoofdman spreekt Jezus op een militaire manier aan op zijn macht, op zijn rang. In het leger deelt hij bevelen uit aan zijn soldaten en ze gehoorzamen. Zijn superieuren bevelen hem en hij gehoorzaamt. Met andere woorden: hij gelooft dat Jezus de opperbevelhebber is, de commander in chief. Als Jezus het zegt, zal de ziekte verdwijnen. De hoofdman gelooft al wat anderen nog niet zien: Jezus’ macht kent geen grenzen.

Jezus verbaast zich over zo’n groot geloofsvertrouwen. Anderen zouden Jezus graag hebben meegetroond naar huis, hadden een spektakel, een wonder, willen zien. Maar deze hoofdman gelooft dat het efficiënter kan door een machtswoord van Jezus. Wat een geloof!

Jezus maakt er een vermaning aan vast: deze heiden stond wel op afstand, maar hij heeft ontdekt wat veel Israëlieten nog niet zagen. De eersten worden de laatsten en de laatsten de eersten. Omdat Jezus’ macht onbegrensd is, komen er mensen van ver weg, over grenzen heen, om te delen in de gaven van Israëls God. Tegelijkertijd kun je er als het ware met je neus bovenop staan en toch voorbij zien aan de macht van Jezus Christus.

Het vraagt ook wel een groot geloof, om te vertrouwen dat Jezus werkelijk machtig is. Je ziet het namelijk vaak niet.

Gelovige mensen worden ook ziek. Hoe er ook voor hen gebeden wordt, ze genezen niet altijd.

Jezus’ macht heet grenzeloos te zijn, maar intussen trekken mensen nog altijd grenzen: om staten, om invloedssferen, om gebieden, om ons huis, om ons hart, in ons hart.

Zou het kunnen, dat Jezus’ macht tóch over grenzen heen reikt? Die hoofdman durfde het te geloven. Hij kon wel tien tegenwerpingen bedenken, over zijn eigen onwaardigheid, over zijn positie, zijn buiten-staan. Maar hij ging en bad gelovig, en Jezus hoorde hem.

Nu staan wij nog voor grenzen. Ziekten die niet genezen. Mensen die we niet bereiken. De grote vraag waarom zo veel mensen geen belang lijken te hebben bij God. Het raadsel van de weg van God met zijn volk Israël. Grenzen van ons hart.

Toch had die hoofdman het goed gezien: Jezus’ woord is machtig. Wie op dat Woord vertrouwt, komt niet beschaamd uit. Aan het eind van dit evangelie van Mattheüs lezen we dat Jezus zegt: “Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde […] En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld.” (Matt. 28:18, 20).

Jezus’ macht is vooral gebleken toen hij dé grens overstak: de grens van de dood. Toen Hij opstond, heeft Hij de macht van de dood gebroken. God de Vader heeft Hem de volmacht verleend over de hele wereld. Nu zien we dat meestal nog niet. Niet alleen mensen om ons heen zijn ziek, de wereld is ook ziek en wij zelf zijn niet zoals we moesten zijn. Alleen Jezus’ machtswoord kan ons genezen.

Op Jezus’ Woord komt het aan. Wij willen misschien ook wel wat indrukwekkends zien. Maar nu nog wandelen we door geloof, luisterend naar zijn stem, en niet door aanschouwen, niet door het zien.

Laten we het geloven, nee: laten we Hém geloven. Onze tijden zijn in Zijn hand. Zijn woorden zijn woorden van macht… en van genade.