Naar homepage
Groot Nieuws

29 dec.: De God van Bethel

  1. Nieuwschevron right
  2. 29 dec.: De God van Bethel

Muziek en een meditatie van dominee Arie van der Veer, met als thema “De God van Bethel”

Vanderveer

Groot Nieuws

Muzieklijst

1. Gij zijt, o Heer, van d’ allervroegste jaren, Psalm 90: 1 en 9

2. O God, die droeg ons voorgeslacht, LvdK lied 397

3. Ga niet alleen door ’t leven, Joh. de Heer 53

4. Rots der eeuwen, o mijn toevlucht, Joh. de Heer 507

5. In de morgen, geen bundel

6. Gelijk het gras is ons kortstondig leven, psalm 103: 8 en 9

7. Jacobs ladder, geen bundel

8. God is getrouw, Zijn plannen falen niet, LvdK gez. 304: 1, 2 en 3

9. Zend heer Uw licht en waarheid neder, Psalm 43: 3, 4 en 5

10.Al wat ik ben, Opwekking 697

11.De kerk van alle tijden, Geref. Kerkboek Gez. 32

12.Zie Ik maak alles nieuw, Bundel Leger des heil 501

Meditatietekst

Op deze laatste zondag van het jaar kijken we terug. Hoe wisselend kan een jaar zijn. Hoe ga je daar mee om? Met name met de tegenslagen. Het kan zijn dat je er niets aan kon doen. Het overkwam je. Maar het kan ook je eigen schuld zijn.

We hebben dit jaar op de NZ dag gesproken over aartsvader Jacob. Hij was op de vlucht voor zijn eigen broer. Tijdens die vlucht gebeurde er iets heel bijzonders. Toen de zon was ondergegaan, en hij een beetje geschikte plek had gevonden om een paar uur te slapen, had een droom.

Je snapt niet dat hij nog heeft kunnen slapen.
Hij had immers alles verknald. Hij had zijn blinde vader bedrogen. Het eerstgeboorterecht gestolen. Zijn broer durfde hij niet meer onder ogen te komen. Die wilde hem vermoorden. Zijn moeder had hem aangeraden te vluchten naar Haran, het land waar haar familie woonde.

Ik weet niet of Jacob toen gebeden heeft, maar het kan heel goed zijn van niet. Dat hij moe in slaap gevallen is. Ook niet kon bidden. Wat moest hij bidden? Of God hem wilde bewaren, nog sterker wilde zegenen?! Misschien was hij ook bang voor God.

Hij kreeg dus een droom. Jacob droomde dat de hemel boven hem openging. Hij zag een ladder die bij hem op de aarde stond en helemaal tot in de hemel reikte, en op die die ladder zag hij engelen omhoog en naar beneden gaan. En God stond boven aan die ladder en zei tegen hem: ‘Jacob, Ik ben de HERE, de God van grootvader vader Abraham en de God van je vader Isaak; dit land waarop je nu als een vluchteling ligt te slapen, zal Ik ooit geven. Het wordt ooit je eigen land en ook het land van jouw nageslacht. Ik zal je niet alleen laten tot ik gedaan heb wat ik je heb beloofd’.

Een onvergetelijke droom.

Een prachtige droom.

Onverdiend.

Voordat Jacob de andere morgen vroeg weer snel verder trok, bracht hij God een offer. Dus toen bad hij wel. Het staat zelfs opgeschreven: ‘Ik wist niet dat de Heer hier aanwezig was.’ ‘Wat een bijzondere plek is dit. Dit is het huis van God en de poort naar de hemel.’

Jacob pakte de steen waarop hij geslapen had. Die zette hij rechtop, en hij goot er wat olie overheen. Zo werd het een heilige steen. De plaats waar hij was, heette Luz. Maar Jakob noemde die plaats Bethel, huis van God.

Maar toen deed hij in mijn ogen een onbegrijpelijke belofte. Echt zo’n belofte van Jacob. Jacob, de onderhandelaar. Hij zei: ‘De Heer zal mijn God zijn als hij me helpt en me onderweg beschermt. Hij zal mijn God zijn als hij voor eten en kleren zorgt, en als ik weer veilig bij mijn familie terugkom. Op de plek waar ik deze steen rechtop gezet heb, zal later een huis voor God zijn. En ik zal een tiende deel van alles wat God me geeft, aan hem teruggeven.’

Wat kan en mag je verwachten van Jacob in zo’n situatie?
Op zijn minst belijdenis van schuld.
Maar geen onderhandelingen. Alsof Hij en God twee gelijke partijen waren.
Jacob was de bedrieger van zijn vader.

Nee, goedgekeurd werd het bedrog van Jacob ook niet. God herhaalde in Betel wat Hij ooit aan Abraham, Jacobs voorvader beloofd had. Ik ben uw God en niet alleen van u maar ook van uw nageslacht. Nee, God loste niet de problemen voor Jacob op maar verzekerde die nacht: wat je ook doet Jacob, ik zal er zijn, Ik ga met je mee. Wat ik beloofd heb, heb ik beloofd.

Vooralsnog, geen straf, geen oordeel. Op Jacob kon je niet aan, op zijn God wel.

Het is verbazingwekkend. In negatieve zin Jacob: In positieve zin: God. Onbegrijpelijk dat God zo is. Voor een mens die echt niets en niets verdient. En onbegrijpelijk dat Jacob zich zo durft te gedragen.

Overigens, onthoudt goed wat God had gezegd: Hij zou er zijn. Jacob mocht op hem rekenen. Net zoals Isaak en Rebekka. Maar ook Esau liet God niet in de steek. God had die nacht die nacht zijn belofte aan heel het geslacht van Abraham herhaald.

Jacob mocht dan onbetrouwbaar gebleken te zijn.

God was dat niet. God zei overigens niet dat het allemaal gemakkelijk zou gaan. Bethel werd het begin van een moeilijke weg. Een lange weg. Een soort ballingschap. Van 20 jaar.

Jacob bereikte Haran. De familie van zijn moeder. Twintig jaar heeft hij daar gewoond. En ook daar was zijn leven niet onomstreden. Ook daar is hij met vrouwen kinderen gevlucht. Het was God zelf die hem weer verscheen. Ditmaal Jacob opdracht gaf om terug te gaan.

Weer sprak God. En het is opvallend hoe God zich toen aan Jacob bekend maakte: ‘Jacob, Ik ben de God van Bethel, keer terug naar je geboorteland’.

‘Ik ben de God van Bethel’

De reis terug werd een groot drama. Ik kan u niet alles in deze uitzending vertellen. Er is heel veel misgegaan. Het allergrootste drama was de moordpartij in Sichem. Het waren Jacobs bloedeigen zonen, die dat deden.

En toen klonk weer de stem van God. En weer viel de naam van Bethel. 20 jaar geleden had Jacob zijn belofte gegeven. Maar er was niets van gekomen. Weer sprak God: ‘Sta op, ga naar Bethel en ga daar wonen en maak daar een altaar voor de God Die aan u verschenen is, toen u vluchtte voor uw broer Ezau.’

Denk eens even terug Jacob. Op het dieptepunt van je leven ben ik je verschenen. Weet je nog wat ik je heb beloofd? En wat jij mij toen hebt beloofd? Toen zei Jakob tegen zijn huisgezin en tegen allen die bij hem waren: Doe de vreemde goden die in uw midden zijn, van u weg. Reinig u en verwissel uw kleren.

Laten wij opstaan en naar Bethel gaan.

Eind 2019

Er is veel gebeurd. Laten we denken aan de God van Bethel. Wat er ook gebeurd is, want we ook gedaan hebben, God blijft de God van Bethel.

Laten we gaan.